Translation of "passieren" into Dutch
gebeuren, voorkomen, aan de hand zijn are the top translations of "passieren" into Dutch.
passieren
verb
grammar
durchseihen (durch ein Sieb) [..]
-
gebeuren
verbplaatshebben, werkelijkheid worden [..]
Was ist mit dem Buch passiert, das ich gestern hier hingelegt habe?
Wat is er met het boek gebeurd dat ik hier gisteren heb neergelegd?
-
voorkomen
verbOas darf nicht passieren, wenn wir überleben wollen.
Dat moeten we voorkomen als we willen overleven.
-
aan de hand zijn
-
Less frequent translations
- voorvallen
- geschieden
- passeren
- overkomen
- plaatsvinden
- voordoen
- verlopen
- zich
- vergaan
- overgaan
- worden
- verstrijken
- omkomen
- overdrijven
- zich voordoen
- zijn
- aangeven
- aankomen
- filtreren
- zeven
- zijgen
- slagen
- doorkomen
- terechtkomen
- bereiken
- plaatshebben
- doorbrengen
- voorbijlopen
- sijpelen
- druppelen
- klaarspelen
- aanbelanden
- plaatsgrijpen
- arriveren
- aanlanden
- aanreiken
- aanbieden
- slagen voor
- inhalen
-
Show algorithmically generated translations
Automatic translations of "passieren" into Dutch
-
Glosbe Translate
-
Google Translate
Phrases similar to "passieren" with translations into Dutch
-
gebeurd
-
gezeefde tomaten
-
wat er ook gebeurt
-
wat is er met jou gebeurd?
Add example
Add